Een blik achter de schermen
Op deze blogpagina deel ik mijn bronnen van inspiratie.

Tembo
Je last het misschien al. Ik hou van Afrika. En van dieren. Als kind wilde ik het liefst dierenarts worden, maar met een "havo pretpakket" ging 'em dat niet worden... Ik zag mezelf het liefst als de nieuwe Jane Goodall of Diane Fossey, maar niets van dat al. Gelukkig kon ik als regisseur van natuurprogramma's mijn hart ophalen in Azië en in Afrika! En dat deed ik met volle teugen.
Toen ik na jaren twijfelen eindelijk aan het kleien sloeg, twijfelde ik nog dik een jaar door over het maken van dieren. Ik was er eigenlijk van overtuigd dat ik het niet zou kunnen. Een schaal... oké, een bord... à la, maar een dier; o nee. Zoals je aan mijn sgraffito werk kunt zien heb ik ook daar een voorliefde voor dieren. De laatste tijd ook wat met bloemen gemaakt ... die staan nog niet online - ga ik snel doen.
Vorig weekend heb ik me maar eens over de twijfels heen gezet en ben ik, lekker in de tuin, begonnen aan een olifantenkop. Een video van hoe ik de kop probeerde te balanceren op een baksteen was hier ook de moeite van het bekijken waard geweest. Telkens als hij kukelde probeerde ik met mijn handen zo min mogelijk sschade aan de natte klei aan te richten en hem, met mijn neus terug te duwen op zijn steen. Ik denk dat je een aardig beeld hebt van hoe ik er na een uur of twee uitzag ;-)
Hakuna matata zouden ze in het Swahili zeggen. "Geen zorgen" en dat klopte gelukkig. Intussen staat Tembo (olifant in het Swahili) op zijn eigen sokkel. Nog heel even gesteund door een schuursponsje.
(wat gaffertape is in de media, zijn schuursponsjes bij keramiek...)

Bonaire
Eind jaren '90 woonde ik een tijd op Bonaire. Ik was begin 30 en was (al heette dat volgens mij toen nog niet zo) op zoek naar mezelf. Wat wilde ik eigenlijk? Bonaire is dan een prima plek om te verblijven. Ik weet niet of ik mezelf nou echt gevonden heb maar ik had wél een geweldige tijd. Zand tussen mijn tenen en all the turquoise in the world :).
Mijn oudste zoon woont er inmiddels alweer 4 jaar, dus het zit in de genen en history repeats in die zin. En... het is voor mij een top excuus om regelmatig even terug te gaan.
Eén van mijn favoriete bezigheden is om, net om de Zuidpunt bij de lighthouse, driftwood te jutten. Af en toe pak ik zo'n stuk hout en bedenk ik "waar die behoefte aan heeft". Zo ontstond het idee voor een serie schalen die ik "Eastcoast" heb gedoopt. Met de hoog opslaande golven in alle kleuren blauw en turquoise die je maar kunt bedenken en driftwood aangespoeld op het strand. De 1e twee zijn klaar en de kleinste heb ik, als broddellap, geglazuurd. Met redelijk wat glazuur-stress moet ik toegeven.
Hij is nog niet gestookt, maar ik hou je hier op de hoogte.

My firstborn...
Iedereen die begint met keramiek; handvormen of draaien, heeft een allereerste kleiwerk om (meer of minder) trots op te zijn. Mijn 'firstborn' had ik strak voor ogen toen ik eraan begon. Een schaal in kleuren van de Afrikaanse savanne met een band van 'rotstekeningen' langs de bovenrand. Nogal specifiek én nogal ambitieus - maar mijn liefde voor Afrika moest er gewoon in terug te vinden zijn... Het duurde wéken want erg opschieten deed 2 uurtjes kleiles per week niet echt (en voor degenen die mij kennen: geduld is niet mijn sterkste eigenschap.) Maar stapje voor stapje kreeg het vorm. Ik bakkeleide nog met de juf, die vond dat de lichte kleur beneden moest en de donkere juist boven, en zette mijn zorgvuldig uitgezochte jagers en dieren op een papieren band en via een carbon op de engobe. Toen met een miniscuul penseeltje 3x (!) de afbeeldingen schilderen en daarna nog in de blanke glazuur. "Je moet pas van je object gaan houden als hij helemaal klaar voor de 2e keer uit de oven komt." riep ze regelmatig. De waarheid als een koe weet ik intussen maar aan die overtuiging deed ik bij mijn 1e schaal nog niet.
Mijn hart maakte een sprongetje toen het klaar was. Precies zoals ik het me voorgesteld had (wat me sindsdien niet vaak meer is overkomen). En nog steeds is hij het stuk dat het gered heeft tot mijn vensterbank.

Tamegroute
In april reisde ik ik met mijn beste vriendin Christy naar Marrakesh. Een plek die al lang om op mijn verlanglijstje stond. Sinds enige tijd ben ik helemaal in de ban van Tamegroute keramiek. In de souk van Marrakesh werd het uiteraard links en rechts aangeboden, maar aangezien de echte Tamegroute behoorlijk zeldzaam is, zette ik daar zo mijn vraagtekens bij.
Oorspronkelijk komt het aardewerk uit het gelijknamige dorpje Tamegroute, de laatste plek voor de Sahara begint in het zuiden van Marokko. Het wordt in Berbers dan ook 'de laatste plek voor de woestijn' genoemd.
Al eeuwenlang wordt hier keramiek geproduceerd door ambachtelijke familie ateliers, waarvan sommige technieken zijn doorgegeven sinds de 16e eeuw! De pottenbakkers gebruiken lokaal gewonnen klei en stoken hun stukken in traditionele, houtgestookte ovens.
Elke schaal, kandelaar of pot wordt met de hand gevormd op een eenvoudige draaischijf. Na het vormen wordt het stuk voorzien van een kenmerkende glazuurlaag. De diep groene kleur, het handelsmerk van Tamegroute, ontstaat door een mengsel van mangaan, koper en natuurlijke mineralen. De stukken worden vervolgens gestookt in open, ovens met hout en palmbladeren, wat zorgt voor de typische imperfecties: vlekken, scheurtjes, kleurverschillen en asymmetrische vormen. Prachtig!
Je begrijpt; bij mijn volgende reis naar Marokko móét ik naar Tamegroute, om zo'n uniek stuk te kopen!